God

Door Ds. Aart Mak

Tijd om het weer even over God te hebben. Natuurlijk, ik heb het vaak over God. Dat gaat zo als je dominee bent. Ik noem zijn naam terloops. In nogal wat gesprekken komt hij voorbij als het weer. Net als over het weer kun je over god praten maar heeft het niet veel zin. Net als het weer gaat god zijn eigen gang. Je kunt je erop kleden. Je kunt ervan genieten. Je hebt het in elk geval maar te nemen zoals het is. En je weet het maar nooit met god of met het weer. Het kan vriezen of het kan dooien. Soms lijkt god een beetje op het woordje ‘dus’. Of op het woordje ‘eh’. Een tussenvoegsel. De woordjes ‘dus’ of ‘eh’ worden gedachteloos gebruikt, soms op het irritante af. Maar als mensen praten en denken tegelijk – hetgeen wel eens voorkomt – hebben zij even tijd nodig om denken en spreken op elkaar te laten aansluiten. Net als het woordje god. Al zeggen we dan vaak godallemachtig. Of ‘mijn hemel!’ Daarmee winnen we tijd om van onze verbazing te bekomen.

Zelf schijn ik nogal eens het woordje ‘eigenlijk’ te gebruiken. Of vaker nog: ‘ten diepste’. Dat zijn zelfs twee woorden. Ik schep dan even adem en wil uitleggen dat ik het ook niet weet maar dat er volgens mij nog iets moet zitten. Net als bij god dus. Wij zien wel iets maar lang niet alles. Ons kennen is beperkt, wij zien als in een spiegel. Dus heb ik vaak van die momenten dat ik weer even moet gaan zitten en me afvragen: wat bedoel ik als ik god zeg? Dat komt ook door wat er om mij heen gebeurt. Uiteraard. Van Joost Zwagerman is een dichtbundel uitgekomen, zijn laatste. Wakend over God heet de bundel die hij voltooide voordat hij zich van het leven benam. Wat bedoelt Joost met god? Ik moet de bundel nog kopen en gaan lezen. Maar god lijkt, als ik de eerste bericht hoor, de naam voor iemand, een opperwezen, een engel, met wie hij in gevecht is. God als een punt in de ruimte, iemand met wie je in gesprek bent om erachter te komen wie je zelf bent. Alomtegenwoordige afwezigheid, staat ergens in zijn gedichten. Misschien is bij Zwagerman god ook wel de omschrijving van zijn meest eigenste ik, dat wie hij niet was maar had willen zijn. Ik weet het niet, het intrigeert mij zeer.

De strijd of god nu wel of niet bestaat is een zinloze strijd. God op zich zegt niks. En wat zegt het werkwoord bestaan als het over god gaat? Er zijn talloze mensen die in god geloven en de meest weerzinwekkende dingen doen. Er zijn gelukkig ook veel mensen die iets verwachten van dit leven, die toekomst zien in dit bestaan, die zich inzetten voor een werkelijk goed doel – en het woord god niet gebruiken. Maar wel hun idealen hebben. Hartstochten. Een zekerheid die zegt: zo moet het kunnen. Sommigen geloven dat ergens buiten ons, meer dan wie wij zijn,  iets of iemand moet zijn. En als dat er niet is, is het toch goed om dat aan te houden. Als een ster ver weg waarop je je koers richt, als een richting in je leven, als een droom die je eens waar wilt laten worden. En zo jij niet, dan toch wel de mensen die nog geboren moeten worden. We leven langzamerhand in een wereld - in elk geval hier in het westen – waar de scheidslijnen niet meer lopen tussen mensen die wel of niet in god geloven. Dat is zinloos geworden (zie ook wat er staat in het pas verschenen Liberaal Christendom). Die verzuiling hebben we echt gehad. Het echte onderscheid gaat over wat wij bereid zijn te doen om van deze wereld iets goed te maken. Recht, vrede en welke prijs we willen betalen. Behoudzucht of in beweging komen. De arme en de vreemdeling weren of er alles aan doen om hen op te nemen en daar, het zij weer gezegd, de prijs voor te betalen.

Voor velen is het woord god dan een oriëntatie. Ja, voor mij ook. Het woord herinnert mij aan van alles, een traditie, namen van geweldige mensen, het grootse verhaal van Jezus, iets dat ook bij mij innerlijk heeft postgevat. Ik ben in gesprek vaak met degene die ik God noem. Mij helpt dat om mijn ziel, degene die ik ten diepste ben – ja, daar zeg ik het weer: ten diepste, niet kwijt te raken. En ik geloof ook in een leven na de dood. En daar heeft dat woordje god als aanduiding voor dimensies die mijn verstand verre te boven gaan, ook mee te maken. Maar weet ik het? Nee, natuurlijk. Het gaat tegenwoordig wel om iets anders: hoe mensen van goede wil elkaar vinden, de handen ineenslaan en met alle inspiratie die ze waar dan ook vandaan halen, dat doen wat nodig is voor de kinderen, de vluchtelingen, de armen, de verslaafden en de rechtelozen van deze wereld.

Terug naar overzicht…