Verschillig

Door Ds. Aart Mak

In de sport wordt het regelmatig gezegd: vandaag moeten we het verschil maken. Dat betekent meestal dat de trainer vindt dat de ploeg er een schepje bovenop moet gooien, dat het erin zit, dat alles uit de kast moet worden gehaald maar dat het kan: de overwinning is mogelijk gezien alle talent dat aanwezig is. Ja, de taal die de sport begeleidt, is uitermate boeiend. Het gaat mij nu om de uitdrukking ‘het verschil maken’. In dit weekend waarin de 18-jarige Mauro moet afwachten wat anderen vinden over zijn toekomst, van de leden van een partijcongres tot en met een hele Tweede Kamer, moet ik al dagen aan het woord ‘verschil’ denken. Ook stuitte ik erop toen ik donderdag las dat de nieuwe columniste van het dagblad Trouw, Nuweira Youskine, opmerkte dat de tijd rijp is om een goed gesprek tussen de religies te hebben over de verschillen. Laat ik nu net de afgelopen week de leden van het Haarlems Beraad van Religies aan prinses Maxima hebben mogen voorstellen en twee dagen later intensief met vooral humanisten uit Amsterdam van gedachten hebben mogen wisselen. Eerder deze week was er dat beroerde en nu al beruchte interview met collega Klaas Hendrikse naar aanleiding van zijn nieuw boek, God bestaat niet en Jezus is zijn zoon. En dan is er ook nog dit weekend de start van de maand van de spiritualiteit - hoe vaag wilt u het hebben? - en deze zondag in Bloemendaal het Open Huis – ja, u ben welkom, kleedt u rustig aan, drinkt u vooral uw theekopje kalm leeg, we beginnen pas om 11 uur vanmorgen -, waar twee politici zullen preken over theorie en praktijk van degene die gelooft en aan politiek doet.

Redenen genoeg om het met u over het verschil en het verschil maken te hebben. Ik herinner mij hoe in de jaren ’70 een boek van Feitse Boerwinkel verscheen. Boerwinkel was in dit tijd een opvallend iemand binnen de Nederlandse Hervormde kerk. Hij had eerder furore gemaakt met een ander boek dat ging over het eerste christendom en zijn visie dat het moderne westerse christendom veel kon leren van de eerste generaties na Jezus. Dat boek heette Einde of nieuw begin. Maar het boek waar ik het nu over wil hebben ging over de Bergrede van Jezus en droeg de prachtige titel Meer dan het gewone. Het was een bewogen pleidooi om de Bergrede van de bovenste plank weg te halen en terug te zetten naar het niveau van het dagelijkse leven. Er moest gehandeld worden. Daar was het Jezus ook om gegaan. Juist christenen hadden de taak een stapje meer te doen, meer dan het gewone, en zo recht en vrede in de wereld dichterbij te brengen. Het boek sloot vrijwel naadloos aan bij de tijdgeest van de jaren zeventig van de vorige eeuw. De kerken waren nog niet echt aan het leeglopen, maar de dreiging en eerste tekenen waren er al wel. Toenemende welvaart, de alsmaar vorderende invloed van de televisie, een beginnend besef van het kwetsbare milieu, angst vanwege de atoomwapens, dat allemaal speelde in die tijd. Veel prominente en onopvallende christenen vonden toen dat gelovigen zich actief en overtuigend moesten bemoeien met een betere wereld en dus met de politiek.  Boerwinkel was er een van , haalde daar toen de Bergrede bij en met zijn titel ‘Meer dan het gewone’ bedoelde hij dat christenen door meer dan het gewone te doen, het verschil moesten maken.

We zijn 35 jaar verder. Binnen het CDA ontvlamde opnieuw de strijd tussen de nuchtere machtspolitici enerzijds en de gevoelige idealisten anderzijds. Dan vallen al gauw woorden als barmhartigheid en gerechtigheid. En welke waarde is het belangrijkste? Sommigen beroepen zich, net als Boerwinkel toen, op Jezus en diens strijd met de regels en wetten van zijn dagen en zijn liefdevolle optreden. Zij willen dat hun christelijke partij meer dan het gewone doet en zo het verschil maakt. Waarom ben je anders christen? Anno 2011 heb ik allang ontdekt dat deze manier van denken, hoe sympathiek ook, ook irritante trekjes kan hebben. Want het is geweldig pretentieus. Christenen hebben niet het alleenvertoningsrecht op hoogstaand ethisch handelen. Ik ken talloze niet-gelovige mensen die mij in elk geval in ruime mate overtreffen in hun liefde voor anderen mensen en eerbied voor al wat leeft. In de gesprekken met gelovigen van andere huize, joden, moslims, hindoes, boeddhisten en vele anderen is mij ook wel duidelijk geworden dat er juist op het ethische vlak veel overeenkomsten zijn. Eerbied voor het leven, mededogen met de naaste en gastvrijheid voor vreemdelingen zijn in alle godsdiensten hoogstaande waarden. Het is ook waar dat alle godsdiensten worstelen met het verschil tussen de theorie en de praktijk. Ik heb al aardig wat interreligieuze bijeenkomsten meegemaakt waar de goede  bedoelingen, de mooie woorden uit heilige bronnen en warme verbondenheid tussen de deelnemers de boventoon voerden. Maar we wisten allemaal ook dat het er in de praktijk van het dagelijkse en politieke leven vrijwel altijd anders toegaat. Mevrouw Youskine heeft dus wat mij betreft groot gelijk dat we het beter kunnen hebben over de verschillen. Wat bijvoorbeeld te denken van de positie van de vrouw, de bejegening van homoseksuelen, de scheiding tussen kerk en staat, het heel of half toelaten van geweld? Er is genoeg om diepgaand van gedachten te wisselen en van mening te verschillen. Van het benoemen van het verschil worden we alleen maar wijzer. Als dat tenminste gaat in een sfeer van begrip en bereidheid de ander op een diep niveau te verstaan.

Dat is wat anders dan de rebelse en pedante manier waarop Klaas Hendrikse zijn eigen wijsheden debiteert en anderen die hem gedoogd hebben, bruuskeert. Hier zorgt iemand dat de verschillen uitgroeien tot een onoverbrugbare kloof. Het gaat wel om een houding. Ook in de sfeer, opgeroepen door de aanhoudende Europese financiële crisis, komen we erachter dat we niet gebaat zijn bij het toedekken van de verschillen. Het beest dat corruptie heet, moet bij de naam genoemd worden. En dan spreken we af wat er gedaan moet worden en controleren elkaar ook nog eens daarin, dat hoort bij de nieuwe stijl van deze tijd. Duidelijkheid en benoemen van de verschillen. Eigenlijk had iemand als Pim Fortuyn dat al veel eerder heel goed begrepen. En zijn ontijdige dood heeft een kloon en een slimme politieke clown gebaard die venijnig zijn voordeel doet met de nieuwe tijdgeest. Hij benoemt de verschillen en maakt er een onoverbrugbare kloof van. Ik hoop trouwens, voor Mauro en zijn ongeveer 70 leeftijdgenoten in vergelijkbare omstandigheden, dat de meerderheid van de Tweede Kamer wel het verschil durft maken. En dan bedoel ik dat zij laten zien dat politici niet denken aan de eerstvolgende verkiezingen maar aan het verschil tussen dag en nacht. U weet toch wanneer je pas kunt zeggen dat het dag is? Niet als je een huis of een boom kunt onderscheiden in de ochtendnevel, maar pas als je een mens tegenover je kunt zien. En geraakt wordt door zijn gelijkenis met jou. Dan is de nacht pas echt overgegaan in de dag, aldus een oud joods verhaal.

Met muziek van Grieg aan het begin (Holberg Suite) en Rachmaninoff aan het eind (einde 1e deel van zijn 2e pianoconcert). Verder hoorde u muziek van de componist Vitarelli en de melodie van gezang 401 uit het Liedboek van de Kerken. Gelezen werd uit Matteüs 5: 13 . Het gebed kwam uit de bundel Bij gelegenheid (II) van Sytze de Vries.

Terug naar overzicht…