Gevonden

Door Ds. Aart Mak

Bij het schrijven en inspreken van deze column (donderdagmorgen vroeg), wist de schrijver nog niet dat later die dag ineens het grote nieuws zou komen dat Mladic gevonden en gearresteerd was.

Als je maar goed zoekt, vind je het vanzelf wel een keer. Dit is een van de bekende opvoedingswijsheden die alle ouders hun kinderen voorhouden. Als je dus iets wat je kwijt bent niet kunt vinden en je hebt er toch  diepgaand naar gezocht, is er iets anders aan de hand. Gestolen of zo. Ook in christelijke kring komt het voor. Waar is die ene restzetel gebleven die de Christen Unie met wat plussen en minnen zou toekomen in de Eerste Kamer? Naar nu blijkt heeft de SGP, de partij van de eikenhouten mannenbroeders, haar reststemmen deze keer onthouden aan hun medegelovigen, naar men vermoedt om machtspolitieke redenen. Gevonden dus, maar duidelijk is dat die zetel niet per ongeluk is zoek geraakt.

Ook de Servische generaal Mladic is nog steeds zoek. De man die o.a. de slachtpartij op de moslims van Srebrenica op zijn geweten heeft, wordt maar niet gevonden. Dat is al jaren zo, dus blijkbaar wordt er niet echt goed gezocht en is er wat anders aan de hand. De Serviërs willen niet door de pomp, de regering durft geen opstand te riskeren, wie zal het zeggen? In een andere deel van de wereld is het onlangs wel gelukt. De autoriteiten in de Democratische Republiek Congo hebben de voormalige Rwandese militieleider Bernard Munyagishari opgepakt.  Deze man, een vijftiger inmiddels, heeft de Interahamwe mede gerecruteerd, getraind en geleid. Dat was een militie van etnische Hutu's die zich schuldig maakte aan de massaslachtingen en massaverkrachtingen waarvan de Tutsi-minderheid het slachtoffer werd. Tijdens de volkenmoord vielen binnen honderd dagen zeker 800.000 doden. Oorlogsmisdadiger dus. Gevonden na een intensieve zoektocht. In het chaotische Afrika wel gelukt, in het zelfs op Eurovisiesongfestivals meedoende Servië niet.

Soms wordt er per ongeluk wat gevonden.  Mensen die nu overlijden blijken, als een van hun kinderen de rommelzolder uitruimt, foto’s te hebben gemaakt van razzia’s in de Tweede Wereldoorlog. Schokkende beelden soms en weer zorgen ze ervoor dat die oorlog maar niet uit ons geheugen verdwijnt. Iets anders dat ook een deel vormt van ons collectieve geheugen. Ik las dat er in Amerika banden zijn gevonden met 8.5 uur lang interviews van de journalist Schlesinger met Jacqueline Kennedy. Ze spraken met elkaar in 1964, een jaar na de moord op haar man in Dallas, 22 november 1963. De ABC zal ze binnenkort uitzenden. Dat is een gelukje. De vrouw van Kennedy hulde zich indertijd al snel in veel stilte en niet veel later ontsnapte ze als het ware in een huwelijk met de steenrijke Griekse reder Onassis. Over zoeken en vinden gesproken. Toen al die mensen die nu tussen de 50 en 60 jaar zijn ooit kind waren, keken ze naar ‘Ja zuster, nee zuster.’ Het programma, uitgezonden in de jaren 1966-1968, was razend populair en ook daarom maakte Pieter Kramer in 2002 een bioscoopfilm, met andere acteurs uiteraard, maar gebaseerd op dezelfde gouden formule en prachtige liedjes van het duo Schmidt en Bannink. Het wonderlijke is nu dat er geen of nauwelijks opnamen bewaard zijn gebleven van de talloze afleveringen waar we in die tijd met onze zwart-wit televisie allemaal naar keken.

Soms moet je heel goed zoeken. De BBC meldde deze week dat er zeventien piramiden, duizend graven en drieduizend nederzettingen in Egypte zijn ontdekt. Dat zoeken heeft wel even geduurd. Een archeologisch team bestudeerde een jaar lang beelden van Egypte die gemaakt zijn met satellieten 700 kilometer boven de aarde. De satellieten waren uitgerust met infraroodcamera’s die zo krachtig zijn dat ze voorwerpen met een diameter van minder dan een meter kunnen onderscheiden. Een Amerikaanse archeologe zei dat dit nog maar het begin was, want het betrof alleen nog maar plaatsen dicht onder de oppervlakte. En zo lijkt het of wij dankzij allerlei technieken meer dan vroeger kunnen vinden waar we soms naarstig naar zoeken en soms helemaal niet maar wat ons bij geval zomaar in de schoot valt. Maar meestal is het, als het om mensen gaat, niet zo gemakkelijk. We kennen allemaal de televisieprogramma’s waarin mensen iemand weerzien met wie jarenlang geen enkel contact was. Spoorloos. Soms hebben mensen daar een belang bij. Ze willen niet gevonden worden. Onuitgesproken pijn wordt verdrongen. Liever geen contact dan herinnerd te worden aan vroeger. In de huidige tijd, waarin elk goed idee onmiddellijk tot een format voor een televisieprogramma wordt omgevormd, moet alles zo nodig goed gemaakt worden. Denk aan het Familiediner, een EO programma met Bert van Leeuwen, waarin bloedverwanten nogal eens met veel aandringen, wrikken en wringen bij elkaar worden gebracht. Ik begrijp de EO wel. Mensen zoeken, vinden en met elkaar verzoenen hoort zelfs bij de christelijke opdracht waar deze omroep haar bestaansrecht aan ontleent. En familieruzies behoren tot de meest pijnlijke ervaringen waar heel wat mensen die ik ken, van kunnen getuigen. Die ene lege stoel bij een 50-jarig huwelijk. De zoon die ooit zo toegewijd was maar al jaren van de aardbodem verdwenen lijkt te zijn. De boosheid van dochterlief die alsnog opsteekt als vader overleden is. Overal is wel wat.

In een tijd dat talloze ruimtesondes het heelal verkennen, dat de in satellieten geïnstalleerde camera’s van kilometers hoog konden doordringen tot in de Pakistaanse woning van Osama bin Laden en dat de digitale databanken van alle mensen alles lijken te weten, blijft er ook nog een mens rondlopen die de neiging heeft onvindbaar te zijn. Een mens is namelijk meer dan een optelsom van feiten. Hij of zij is eerder een doorgaans rustende vulkaan met van binnen een vurige warreling van emoties. Zijn eigen, onbegrijpelijke innerlijke universum zorgt ervoor dat een mens blijft zoeken tot hij gevonden wordt. En dat gevonden worden is dan niet dat je met je hele hebben en houden op Facebook staat. Het lijkt eerder het antwoord op een verlangen naar liefde te zijn, het gezien en bemind worden, juist ook in wat je van jezelf niet begrijpt. Je bestaat niet pas als je alles weet en begrijpt. Je bestaat als je weet dat de liefde je gevonden heeft. Het zoeken en gevonden worden door die liefde is nog wat anders dan het zoeken en vinden van een restzetel van de Christen Unie of van een verloren gewaande piramide in Egypte.

Met muziek van Grieg aan het begin (Holberg Suite) en Rachmaninoff aan het eind (einde 1e deel van zijn 2e pianoconcert). Verder hoorde muziek van Morini en gezang 20 uit het Liedboek. Gelezen werd uit Lucas 15: 8-9. Het gebed kwam uit de bundel ‘Zeggen en zwijgen, oecumenisch gebedenboek voor alledag’ van Marcel Barnard e.a..

 

Terug naar overzicht…