Excuus

Door Ds. Aart Mak

Het maken van excuses gaat niet iedereen even gemakkelijk af. Sommigen zullen het zelfs nooit van hun levensdagen doen. In een opmerkelijk bericht de afgelopen week wordt vermeld dat een Britse minister zijn oude leraar Frans alsnog zijn excuses aanbiedt. Toen deze minister in het kabinet Cameron, zijn naam is Michael Gove, 15 jaar oud was, schepte hij er behagen in om met een aantal klasgenoten het leven van Mr. Montgomery zuur te maken. Ze stelden ingewikkelde vragen om hem voor schut te zetten. Ze wilden zich beter voelen ten koste van hun leraar Frans. Nu, jaren later, betuigt hij zijn spijt en citeert deze minister van onderwijs daarbij zijn moeder die altijd zei dat het nooit te laat is om zaken recht te zetten. En alsnog betuigt hij zijn diepe respect voor de oude Mr. Montgomery en al zijn collega’s van vroeger en nu, want, zegt hij, lesgeven is zwaar vak. Betaal hen dan ook beter, gromde prompt iemand van de Engelse lerarenvakbond.

Zo persoonlijk en open maak je het maken van excuses zelden mee. Het gaat meestal collectief en bedekt, zonder dat een iemand zich kwetsbaar maakt. Ik denk nu aan Duitsland waar tenslotte, twintig jaar na het besluit daartoe, in Berlijn een monument onthuld werd ter herinnering aan de ongeveer een half miljoen vermoorde Roma’s en Sinti’s ten tijde van de nazi-dictatuur. Toen zowel bondskanselier Merkel als bondspresident Gauck aanwezig waren – wat zelden voorkomt, zij samen bij een officiële plechtigheid – konden de aanwezigen daaruit afleiden dat een heel land zich alsnog diep schaamt voor wat er toen gebeurd is met deze bevolkingsgroep en in feite excuses maakt dat het zo lang heeft moeten duren voor er iets gebeurde. Dat is dan nog Duitsland, een land dat de laatste halve eeuw opmerkelijk dapper is geweest in het onder ogen zien van de recente zwarte bladzijden in zijn geschiedenis. In Rusland is een overheid die op enigerlei wijze excuses maakt aan zijn bevolking vrijwel ondenkbaar. Dat was indertijd al het geval toen de Koersk, de onderzeeboot, in 2000 met man en muis verging en de regering opvallend traag en laks was in het bieden van hulp. Dat is nu weer het geval, tien jaar na het gijzelingsdrama in Moskou. In een theater kwamen toen 130 mensen om. President Poetin noemde de militaire actie die een eind maakte aan de gijzeling meesterlijk, maar slachtoffers en nabestaanden zien dat anders. Bij een wezenloos monument zonder namen, wachten de mensen nog steeds op tekst en uitleg van een overheid die alleen had moeten zeggen: ‘Vergeef ons dat wij niet al die mensen hebben kunnen redden en dat deze reddingsoperatie eigenlijk mislukt is.’ Maar excuses maken zal in de ogen van degenen die nu aan de touwtjes trekken in Moskou, een teken van zwakte zijn. Het past niet in de machocultuur die rond Poetin is geschapen.

In Australië ligt dat anders. Maar het kostte daar wel heel veel tijd. Tussen 1955 en 1972 werden meer dan 150.000 kinderen gescheiden van hun moeders. Dat waren jonge alleenstaande vrouwen die gedwongen werden hun kind af te staan. Men vond het beter als hun kind werd opgevoed in een normaal gezin. Dat afstaan ging zeer hardhandig. De baby’s werden direct na de bevalling van de moeder gescheiden en naar een andere ruimte gebracht. Pas dit jaar erkent de overheid dat deze  gedwongen adopties niet in de haak waren. En in deze maanden worden er nu door allerlei deelregeringen excuses gemaakt voor het aangerichte leed. De problemen blijven. Hoe vind je die kinderen terug en willen ze wel herenigd worden met een onbekende moeder? Een schadevergoeding is ook maar geld. Maar er zijn tenminste verontschuldigingen aangeboden.

Dit betreft dan allerlei overheden. Kan een overheid eigenlijk wel excuses maken? Is dat juist niet iets dat alleen persoonlijke relaties betreft? In Nederland zei staatssecretaris Bleker zoiets, toen het ging om de patiënten ten gevolge van de Q-koorts. Een overheid maakt geen excuses maar antwoordt met daden, zei hij toen. Dat laatste mag je dan hopen, zou ik zeggen, maar dan nog: het gezien en erkend worden in wat je is aangedaan, is het begin van aanvaarding en herstel van het geestelijk evenwicht. En overheden, hier, in Duitsland, Australië of in Rusland, maken fouten. Zonder verantwoordelijkheid en woorden die gaan over vergeving, zouden we terecht komen in een mensen verslindende moloch, zoals beschreven in de angstige toekomstvisioenen van Huxley en Orwell.

Maar nu u en ik, mensen met hun persoonlijke relaties. Wij maken ook geschiedenis, met mensen die komen en gaan, met vrienden en misschien ook vijanden, met schouderklopjes die we uitdelen en beledigingen waarmee we anderen opzadelen, met onze eigen gekwetstheid om iemand die het verkeerde zei of deed en met onze onverschilligheid en onbegrip jegens anderen. Ik ken, als het hierom gaat, twee opvallende soorten mensen. Stijfkoppen die nooit een ander zullen bekennen dat ze iets verkeerds hebben gezegd of gedaan. En angsthazen die voortdurend excuses maken, zelfs als ze niet weten waarvoor, als het maar weer goed komt. Beide soorten mensen vergeten dat het gaat om de middenweg. Je bent sterk als je ook je zwakte durft laten zien. Dat geldt voor de stijfkoppen. En voor de angsthaasjes geldt dat je omgeving ervan opknapt als ze jou niet meer op kousenvoeten hoeven te benaderen. Ergens tussen de tere ziel en het hart dat zich verhardt ligt de waarheid van het leven. Die waarheid sluit, naar ik altijd begrepen heb, nauw aan bij de bede van het Onze Vader waarin het niet alleen gaat om anderen vergeven, maar ook om zelf vergeven willen worden. Niemand is perfect en moet dat zelfs niet willen zijn. Mensen verdienen het bovendien dat hun excuses worden gemaakt. Dan wordt op mensen aan appèl gedaan om de agressieve partij  te vergeven. Dat kunnen mensen, al heeft dat soms tijd nodig. Maar de opluchting die dan volgt, aan beide kanten, is als het even opengaan van de hemel. Mij lijkt dat Jezus dat voor ogen had toen hij meermalen bij mensen erop aandrong elkaar te vergeven.

Met muziek van Desplat en Lane/Vitarelli. Verder hoorde u Areshes S’foseinu (joodse liturgische muziek) en Exsultate Deo van Willem Andriessen, gezongen door het Roder Jongenskoor Rintje te Wies olv Sietze de Vries. Gelezen werd uit Lucas 17: 3-4. Gebeden werd uit ‘Bij gelegenheid (II)’ van Sytze de Vries.

 

Terug naar overzicht…