Transparantie

Door Ds. Aart Mak

Laatste zondag van het jaar 2015. Tijd om bij van alles stil te staan, de toestand in de wereld, maar ook bij je zelf, je gezondheid, je liefde en of er nog ergens schot in zit, in je leven, of iets misschien anders kan, beter moet. Ik ben nu precies een jaar onderweg met dit programma waarvan ik op een nacht zeker wist dat het de Binnenkamer moest heten. Ik wist dat ik mijzelf met deze naam ten overstaan van u zou onderwerpen aan een trainingsprogramma. Dat programma is een vorm van zelf-onderzoek. In de Bergrede raadt Jezus aan de binnenkamer op te zoeken als plaats om je in terug te trekken. Hij noemt dat nadat hij heeft gewezen op al die figuren die van alles doen om gezien te worden, graag publieke figuren zijn over wie in gunstige, bewonderende zin wordt gesproken. Het gaat over het bidden, dat klopt, het bidden in het verborgene, met woorden die zich richten tot de verborgen aanwezige Vader, zoals Jezus altijd het mysterie dat mensen tegen wie mensen ‘god’ zeggen, noemde. Maar het gaat niet alleen over het bidden als dagelijks ritueel. Het gaat om een levenshouding, een stijl van leven waarin een mens regelmatig terugkeert naar wat hem bezielt, beter nog, naar wie hem bezielt. En daar heb je geen aanmoediging of applaus van anderen bij nodig. Want bij anderen wil je niet verliezen, je gezicht niet, je aanzien niet en ook niet je waardering. In de binnenkamer dreig je dat allemaal wel te verliezen. Je hele leven zelfs, zoals dezelfde bergredenaar elders in de evangeliën zegt. En dat kan een pijnlijke reis naar de kelders van je ziel zijn, een tocht door het donker. Dat is wat ik soms doe en waarvan niemand van u weet en hoeft te weten. Maar iets ervan wil ik wel prijsgeven. U mag best weten wat zich in mijn binnenkamer soms afspeelt aan dwaze, vrolijke, angstige en naar houvast zoekende gedachten. Omdat ik geloof dat ik daarin niet uniek ben. En dat zo’n mooi intiem medium als de radio kan helpen om elkaar ook van achteren beter te begrijpen. Daarin ben ik ook voorganger, iemand die een deur open doet.

Ik geef mij zelf dus niet volledig prijs. Dat kan ik niet en dat kan sowieso niet. Eén van de drogredenen van tegenwoordig is dat je alles van iemand kunt weten en dat dat ook mag als het om publieke figuren gaat. De gevolgen van deze commerciële roddel en achterklap kennen we al jaren. Maar erger is nog de gedachte dat er geen binnenkamer meer zou zijn. De mens is zijn brein of de optelsom van chemische stoffen in zijn lijf. Het einde van het geloof in God lijkt soms ook het einde te zijn van de bij mensen aanwezige ongekende geestelijke reservoirs aan hoop en veerkracht, aan inlevingsvermogen en solidariteit. De wereld wordt er plat van als niemand nog vraagt waar dat vandaan komt.

Ook dat was een jaar geleden voor mij een reden om met de binnenkamer te beginnen. We zijn allemaal, niet alleen jongeren maar ook ouderen, onthand geworden als het gaat om grote uitspraken, zowel religieus als moreel. Veel ouderen zagen hun geestelijke huis – dat waar zij vroeger in geloofden - vervallen tot een staketsel met hier en daar nog een bewoonbare kamer. In zulke tijden, als je met horten en stoten gaat begrijpen dat de gestalte van de kerk die velen zo vertrouwd en vanzelfsprekend vonden, op punt van verdwijnen staat, als een gulle, vrijgezelle oom die de familie lang bij elkaar heeft gehouden en nu ook naar het hospice gaat om daar te sterven, is het tijd voor een andere invalshoek die nooit afwezig was, maar juist nu meer aandacht verdient. Die andere invalshoek is de binnenkamer, de plaats van stilte en inkeer, de bereidheid tot de innerlijke reis. En dat doe je alleen. Als de gemeenschap kleiner wordt of zelfs verdwijnt, is er nog altijd de kracht van de enkeling. Er zijn, achteraf gesproken, geestelijk heel dynamische perioden geweest in de zogenaamde kerkgeschiedenis waarin eenlingen in groot vertrouwen hun eigen weg gingen en daarmee anderen, veel meer dan de synodes, dogma’s en officiële exegeses deden, bezielden. In de periodes dat er nog sprake was van volkskerken, waar ik zelf, misschien van huis uit, altijd enige wantrouwen tegen heb gehad, waren het trouwens ook vaak sterke enkelingen die beslissend waren, in hun hoop op betere tijden, in hun geloof in de kracht van de Geest van God of in hun geweldige liefde voor hun om wat voor reden dan ook achtergestelde medemensen. Die energie kan geen mens aan anderen geven als er zich niet van binnen een generator bevindt. En ook dat is de binnenkamer, de plaats waar de ziel zijn meester ontmoet of, als u wilt, de Geest van God de mens bezielt.

In die binnenkamer kan ik inderdaad van gedachten die ik kreeg bij mijn onvermogen om een kattenbak schoon te maken, uitkomen bij hoe een man als ik wel erg gemakkelijk van alles delegeert aan zijn vrouw. Rara, hoe kan dat? Daar had ik het de vorige keer over. Maar waar het mij het meeste omgaat is transparantie. Nogmaals, ik zal en kan u niet alles vertellen van wat in mij rondzwerft aan beelden en gedachten die de censuur nooit van zijn levensdagen doorkomen. Maar wat ik wel doe, is u in alle eerlijkheid vertellen hoe dat christendom waar het dan altijd maar over gaat en moet gaan als je dominee bent, wortel heeft geschoten in mijn leven. Waar ben ik van binnen nu door dat altijd zo bijzonder voorgestelde en eeuwenlang bepreekte geloof, echt in veranderd? Wat heeft het toegevoegd aan mij? Waar heeft het mij echt een ander mens in gemaakt? Die transparantie, dat is waar het in deze binnenkamer elke week over gaat. Ook volgend jaar, naar ik hoop. Wij ontmoeten elkaar weer.

Terug naar overzicht…