Wolven

Door Ds. Aart Mak

In een wereld die steeds massaler en naar het lijkt onvoorspelbaarder wordt, vielen mij de afgelopen week de berichten over allerlei individuen extra op. Daar was eerst die massale zoektocht naar de twee jongetjes Ruben en Julian en sinds de macabere vondst van hun dode lichamen het massale meeleven met hun moeder. De foto van de gezichten van de twee jongens, ooit genomen op een vrolijk moment, domineerde wekenlang de harten van velen. Hoewel totaal niet vergelijkbaar was daar ook de als een eenling bekend staande Anouk die met haar mooie melancholieke lied negende werd op dat jaarlijkse, massaal bekeken Songfestival. En er was nog maar een paar dagen geleden die afzichtelijke steekpartij op die soldaat in Londen. Een militair alleen, in vrijetijdskleding, wordt op klaarlichte dag als een zondebok aan het mes geregen door twee ‘Allah is groot’ schreeuwende mannen die ergens in hun nog jonge leven verleid moeten zijn door een dwaze ideologie van vergelding. Er was die ene dorststakende asielzoeker, meneer Bah, die moest worden overgeplaatst en over wie nadien allerlei ophef was. Er zijn die twee ergens in Zuid-Spanje naar het lijkt van de aardbodem verdwenen mensen, de oud-volleybalster Ingrid Visser en haar vriend Lodewijk Severein. Er was die man van 32 jaar in New York die uitgescholden werd omdat hij homo was en uit pure haat om zijn anders-zijn werd vermoord. In Pakistan werd een politica voor haar huis vermoord. Ze was vicevoorzitter van een partij die in die samenleving die bol staat van fundamentalisme, veranderingen wil aanbrengen. En de enkelingen die in China op Sina Weibo, het Chinese Twitter, massaal worden gevolgd, zijn in dat land blijkbaar al gauw staatsvijand en worden regelmatig monddood gemaakt. Dan sluit er weer ergens iemand hun account af en zijn ze voor anderen onvindbaar.

Het gevaar van het noemen van al dit nieuws is dat het al weer zo snel oud of achterhaald nieuws is. Dat neem ik dan maar even voor lief. Het gaat mij om een tendens die mij al langer bezighoudt. Die tendens zou ik het protest van het individu willen noemen. Want ook de mens die omkomt door een moord op straat, zoals Marc Carson in New York, of overlijdt na een verkeersongeluk, zoals die twee grootouders met hun tweejarige kleindochter in Limburg, geschept door een auto die van de weg afraakte en op hun fietspad terecht kwam, zijn op hun eigen manier protesten tegen een alsmaar massaler en ook ondoorzichtiger wordende wereld. Zelfs in een klein en maatschappelijke redelijk overzichtelijk land als het onze wordt steeds meer te hoop gelopen tegen ondoorzichtige maatregelen, uit de hand lopende overheidsuitgaven en is het vertrouwen van burgers in bestuurders, politici en overheidsinstellingen uiterst laag. En als mensen weinig of geen vertrouwen meer hebben in maatschappelijke instellingen - dat kan de cardiologie in het ziekenhuis  zijn maar ook de woningcorporatie, gaan ze steeds meer hun eigen gang. Ieder het zijne en ieder op zich. En de samenleving is, zoals ik onlangs nog las, hooguit een samen-beleving. Wel samen naar de Ahoy, de Arena, de Kuip of Thialf in Heerenveen, of samen Koningsdag vieren en ook samen op Facebook waar je andere mensen kunt ‘liken’ en zo het gevoel kunt creëren dat je ergens bij hoort, maar de moderne Nederlander en ik vermoed de westerling in het algemeen is vooral de mens die even samen wil beleven en zich dan weer snel in zijn eigen veste terugtrekt.

Al die eilandjes met mensen lijken nog het meest op de ZZP’er, in dit geval: de zelfstandige zonder plan. Wij willen op onszelf zijn maar er zit geen idee achter. Dat houdt een samenleving wel een tijdje vol, maar op al die momenten dat mensen met elkaar in aanraking komen – en dat gebeurt, want je woont niet op een eiland, je hebt elkaar en allerlei dienstverlening nodig -, geldt in toenemende mate de wet van het welbegrepen eigenbelang waarbij lang niet iedereen nadenkt over dat mooie woord ‘welbegrepen’. Dat is op zich niet zo verkeerd. Zie als voorbeeld het verkeer waarin je de anderen wel voor moet laten gaan omdat je zelf graag schadevrij op de plaats van bestemming wilt komen, desnoods dan maar wat later. Maar het gaat ook vaak fout. Mensen zijn in mijn beleving driftiger dan ooit, voelen zich snel tekort gedaan, vinden al gauw dat anderen het beter hebben dan zij en vermoeden allerlei complottheorieën van de overheid waardoor zij benadeeld worden. Op die poel van onvrede drijft het populisme. Geert Wilders deed afgelopen week niets anders dan een half uurtje met zijn partijgenoten en beveiligers paraderen door de Vergeten Driehoek in de Schilderswijk in Den Haag. Tachtig jaar geleden deden zulke ontevreden en bange mensen dat ook; toen hadden ze bruine hemden aan. Vergeef mij de vergelijking, maar als je niet van de bewoners zelf wilt horen of het waar is van die gesignaleerde intolerantie, dan ben je aan het stoken en alleen maar je eigen gelijk aan het halen.

Het christendom en het christelijke sociale denken heeft, ondanks allerlei mankementen en blinde vlekken, eeuwenlang altijd geprobeerd een spade dieper te steken dan het welbegrepen eigenbelang. Er moet iets tussen mensen gebeuren, vindt deze godsdienst. Dat wordt vanouds met het woord liefde geijkt. Je kunt en hoeft niet van iedereen te houden, maar je kunt wel aan empathie doen. Dat is dat jij je wilt verplaatsen in het leven en denken van die ander. Leer je naaste liefhebben zoals jij jezelf liefhebt of zou willen liefhebben. Dat maakt heel wat omgang een stuk aangenamer. Sterker nog, zo’n manier van doen verrijkt jezelf. Andere mensen zijn geen concurrenten maar in hun anders zijn net als jij. En daarom waren de christelijke voormannen van de 19e eeuw in Nederland er allemaal zo voor om de maatschappij als een grote familie te organiseren, ook de bedrijven die opkwamen in de industriële revolutie. Als mensen elkaar niet als concurrenten of tegenstanders zien maar als verwanten die hetzelfde nastreven, moet er toch een leefbare samenleving ontstaan, zo was hun gedachte. Dat is er niet van gekomen en in Italië en Griekenland zie je ook hoe dat denken verwordt tot nepotisme en familieleden die elkaar baantjes toeschuiven, maar de bedoeling was om niet een maatschappij te krijgen waarin mensen voor elkaar als een wolf zijn, ook al hullen zij zich doorgaans in schaapskleren.

Die mensvisie van Thomas Hobbes, over de mens die als een wolf is, lijkt er al met al toch gekomen te zijn. De grote internationale concerns die allerlei belastingwetgeving ontduiken, de wereldwijde lobby’s om wapens, veel te dure medicijnen en slecht voedsel (Monsanto b.v.) te promoten, maken een belangrijk deel uit van het moderne wereldbeeld. En daartegen protesteren steeds meer individuen. Die enkelingen weten ook niet hoe het moet, maar ze nemen het niet. Of ze weten wel hoe het moet, maar ze zijn verblind door een ideologie die suggereert dat het goed komt als jij met geweld je gelijk maar haalt. Ik realiseer mij dat dit een somber beeld is. Terwijl ik dit wekelijkse programma ooit, bijna zeven jaar geleden, heel bewust een goed begin heb genoemd. Ik geloof daar ook in en ik vertrouw zelfs op een goed einde. Maar soms moet de beker tot de bodem worden leeggedronken. Het leven is dus niet maakbaar. Mensen kunnen niet leven met alleen maar de ideologie van het materialisme. Je kunt niet de maatschappij op z’n beloop laten en de overheid zich laten terugtrekken. Mensen hebben correctie en bescherming nodig. Het goede begin is dat wat met mijn geloof te maken heeft en wat ik ook zie gebeuren, bijvoorbeeld bij al die mensen die op zoek waren naar die jongetjes. Het is wat Paul van Vliet ooit zo prachtig verwoordde: Als wij niet meer geloven dat het kan / Wie dan wel? / Als wij er niet mee komen, met een plan / Wie dan wel? / Als wij er niet voor zorgen / Dat de toekomst is geborgen / Voor de kinderen van morgen / Wie dan wel? / Als wij onszelf niet dwingen / Een gat in de lucht te zingen / Waar zij in kunnen springen / Wie dan wel?

Met muziek van Desplat en Lane/Vitarelli. Verder hoorde u muziek van Enrico Bossi, gespeeld door Dirk Out en ‘I will sing with the spirit’ van John Rutter. Gelezen werd uit Micha 6:8. Het gebed kwam uit de bundel ‘Zeggen en zwijgen, oecumenisch gebedenboek voor alledag’ van Marcel Barnard e.a..

 

Terug naar overzicht…