Kerst Zonder Grenzen

Door Aart Mak

Vanmorgen is het kerst. Eerste kerstdag valt dit jaar precies op een zondag. Een kerstfeest dus dat al een beetje opstanding kraait. Want opstanding en Pasen dat altijd op de meest zondagse zondag van het jaar valt, hebben alles met elkaar te maken. In de kerstnachtdienst – ook weer goed vergelijkbaar met de paasnachtdienst waarin mensen in het donker een licht opgaat – sprak ik over kerst zonder grenzen. Sta mij toe dat ik in deze binnenkamer nog even over dat zonder grenzen mijmer. Want als er iets in de huidige Europese maatschappijen tot grote controverses leidt, is het de vraag over onze grenzen. Na de vreselijke aanslag in Berlijn van maandagavond jongstleden, gingen er onmiddellijk stemmen op om alsnog de grenzen te sluiten. De dader was immers iemand die zich in de grote stroom vluchtelingen hier naar toe had laten meevoeren. De beschuldigende vinger ging naar Angela Merkel, de Bundeskanzler, de vrouw die nauwelijks afwijkt van haar al veel eerder ingezette lijn: wij moeten degenen die vluchten uit de brandhaarden in het Midden-Oosten of weg bij de vreselijke regimes in Noord-Afrika opvangen. Foto’s van haar met letterlijk bloed aan haar handen gingen rond en ook opmerkingen dat zij de doden van Berlijn op haar geweten heeft.

De discussie over grenzen en het wel of niet sluiten daarvan, raakt mensen diep. Dat heeft ongetwijfeld alles te maken met het idee dat je veilig bent als de deur van je huis en de slagboom van jouw land dicht zitten. Mensen bakenen instinctief hun territorium af tegen indringers, althans mensen die zij als indringers ervaren. Aardige opmerkingen als een TuimelTekst die zegt dat vreemdelingen mensen zijn die je nog niet kent, helpen dan weinig. De angst zit er goed in als blijkt dat er verstekelingen met kwade bedoelingen in de vloed aan vreemdelingen zitten die op Europa af komt, waarbij ik opmerk dat het beeld van de vloed meer suggereert dan er werkelijk gebeurt, nu niet alleen al die vluchtelingen in Libanon en Jordanië maar ook in Turkije zo goed en zo kwaad als het gaat – meestal het laatste – worden opgevangen. Mijn simpele vraag is of het enigszins helpt om het kerstfeest te zien als een feest zonder grenzen. Want als er één landverhuizer en grensganger was, was het wel Jezus. Volgens de overlevering begon dat al toen hij op een haar na aan de kindermoord in Bethlehem ontsnapte door met zijn ouders naar Egypte te vluchten. En wie denkt bij het Bethlehem van toen niet aan het Aleppo van nu? Het lot van de kinderen verraadt zoals altijd de immense wreedheid van sommige volwassenen.

Als tegenwicht tegen de reflex van de angst en de opflakkerende haat tegen vreemdelingen, zou je daarom mogen hopen dat de essentie van het verhaal van Jezus niet verloren gaat. Die essentie is m.i. dat een Eeuwige die wij Heer noemen zich uitlevert aan het lot van een mens en daarin niet verloren gaat. Dat dreigt trouwens wel te gebeuren. Het midwinterfeest op straat en in de etalages heeft al lang niets meer met kerst te maken. Dat is nog tot daar aan toe. Hoezo kerst? Hoe zo winter? Maar het ongemakkelijke, het onbegrijpelijke idee dat God het dwaze heeft gekozen om de alle wijsneuzen van de wereld te kijk te zetten en het zwakke voorop zet om de sterken te beschamen (zoals Paulus in 1 Korinte 1 schrijft), lijkt te worden weggeschuurd. Als we niet uitkijken wordt ook het christelijke kerstfeest een glad en aangenaam familiefeest waar geen scherpe randjes meer aanzitten en geen misstand mee wordt aangepakt. Maar daarom niet getreurd. In het feest en vooral de verhalen die er de basis van vormen, zit genoeg geloof van God in ons in plaats van omgekeerd, om te blijven herhalen dat echte gezelligheid pas ontstaat als de grenzen opengaan.

Dan moet ik tenslotte in deze binnenkamer nog uitleggen wat ik onder die grenzen versta. De letterlijke grenzen, natuurlijk, die ook. Maar – en dat is een typische opmerking voor in de binnenkamer – om te beginnen vooral je eigen, innerlijke grenzen. Innerlijke grenzen zijn te zien als patronen die je helpen de veilige kant te kiezen. Anders gezegd, grenzen van binnen zijn bijvoorbeeld de talloze oordelen die we in huis hebben en waarmee we de wereld om ons heen indelen in goed en slecht, vriend of vijand en vooral in bekend of onbekend. In de hoop dat we op die manier veilig zijn. En daarom gaat het in de taal van de bijbel en die van het geloof nooit alleen om de buitenwereld en in dit geval ook niet alleen om de locatie Bethlehem en een foto van Jezus in een stal. De verhalen bij de evangelisten Mattheus en Lucas hebben een dubbele bodem. Het gaat om het geestelijke landschap waar wij ons in bevinden, het gaat om onze binnenwereld die overigens in alles altijd verbonden is met de buitenwereld. En ik geloof nu eenmaal dat dit feest dat wij vandaag vieren, bedoeld is om ons bewust te maken van de zelfgemaakte kettingen. En wie weet komt er iemand tot inkeer en overwint hij zijn angst. Als God zelf zo beweeglijk en tegelijk vatbaar voor allerlei onheil is, lijkt dat een marsroute die je gerust kunt volgen. Met alle risico vandien maar ook op hoop van zegen.   

Terug naar overzicht…