Hitte

Door Ds. Aart Mak

Terwijl de ijskap van de Noordpool op dit moment kleiner schijnt te zijn  dan ooit, zijn de gemoederen ten zuiden van die  ontdooiende witte kap nu al aardig verhit geraakt. De meeste, brave moslimgelovigen vragen zich af wat ze moeten doen nu er niet alleen een de profeet beledigende film op internet circuleert maar ook cartoons zijn gepubliceerd in het Franse blad Charlie Hebdo waarin de profeet wordt bespot. Elders op de wereld hebben de streng denkende en hard handelende salafisten de boel op heel wat plekken al in brand gestoken en zijn er zelfs slachtoffers gevallen. Botsende werelden, met aan de ene kant het religieuze fanatisme dat geen vraag of kritisch geluid toelaat en aan de andere kant het hartstochtelijk bepleite recht op vrijheid van meningsuiting, hoe vreselijk of beledigend die mening ook mag zijn.

En toen was er ineens die snipper papyrus, met een paar woorden die Jezus zou hebben gesproken en die zouden betekenen dat hij een vrouw heeft gehad. Het haalde alle media en allerlei deskundigen haastten zich om uit te leggen wat er mogelijkerwijs aan de hand kon zijn. Om mij heen heb ik geen geschokte gezichten gezien. Geen christen is tot nu toe betrapt op het in elkaar knutselen van een benzinebom in zijn schuurtje. De dominee van de Gereformeerde Bond zei dat de Heere Jezus wel tegen een stootje kan en dat dit papiertje uit de vierde eeuw geen snipper van bewijs kon zijn. Andere, vrijzinnig gelovigen, zeiden dat ze dit altijd al gedacht hadden en de meeste christenen maakt het vermoed ik weinig uit. Er is wel meer over Jezus beweerd, we komen er toch nooit achter en wat maakt het uiteindelijk uit voor je geloof, zo luidt ongeveer de algemene opinie.

Mag ik dat even openlijk betwijfelen zonder dat ik oproep tot woedende betogingen tegen alle geleerden die zeggen dat de waarheid groter of zelfs anders is dan wat in de bijbel staat? Volgens de snipper papyrus zou Jezus dus gesproken hebben over mijn vrouw, in de betekenis van echtgenote. De tekst is in het Koptisch en het lijkt aannemelijk dat het een vertaling is van een origineel Grieks document uit de tweede eeuw. De zwakte van het verhaal is dat niemand weet of wil laten weten waar dat snippertje papier vandaan komt. De kracht van deze korte kreet uit het verleden is dat het een latent vermoeden bevestigt. Nergens in de officiële evangeliën en ook niet in de brieven van Paulus staat dat Jezus een vrouw heeft gehad. Maar als hij niet getrouwd was geweest, zou dat, gezien het uitzonderlijke daarvan in de joodse wereld, wel zijn opgemerkt. Een man en zeker een leidsman, een rabbijn, hoorde getrouwd te zijn. Volgens moderne fantasieën zou Maria van Magdala het meest in aanmerking komen om vrouw van Jezus te zijn geweest. Maar het vreemde daarvan is weer dat een getrouwde vrouw naar haar man en niet naar haar woonplaats, Migdal, zou zijn vernoemd. Onze fantasie schiet als gebruikelijk nooit tekort, maar wel de realiteit. Bij gebrek aan bewijs is de verdachte weer op vrije voeten, in dit geval op vrijgezelle voeten.

Iets anders is interessanter. Waarom is Jezus in de loop der eeuwen zo ontdaan van menselijke trekken? Het antwoord moet gezocht worden in de buurt van de seksualiteit of eigenlijk bij de angst voor seksualiteit. De kerkvaders van de eerste eeuwen, de theologen van het jonge christendom, moesten weinig hebben van modder en bloed. Vrouwen waren bij sommigen erg verdacht. De vrouw had immers Adam verleid tot zonde (een vreemde redenering, alsof de man een watje was) en dat wezen met haar maandelijkse cyclus vertegenwoordigde in hun ogen de wereld van de zonde die de mens afhield van zijn geestelijke opdracht. Dit is, kort door de bocht, de sfeer geweest waarin het christendom vergeestelijkte en de man zich ontdeed van de eigenheid en eigenzinnigheid van de vrouw. In de grote wereldkerk geldt dit tot op de dag van vandaag en protestanten in Nederland kunnen wel stoer doen maar zo lang staat daar nog niet een vrouw op de kansel. De kerk had er, met andere woorden, totaal geen belang bij dat Jezus getrouwd moet zijn geweest. De onthouding en later het celibaat werden al gauw tot ideaal verheven. In feite was dit allemaal gesublimeerde angst voor de roerselen van het lichaam. Veel mooi geformuleerd geloof is tegelijk een verdringing van voorplantingsdrift en alles wat daarmee samenhangt.

Het christendom heeft heel wat vrouwen tot heks of ketter gemaakt. Vrouwen en mannen die hun waarheid vertelden of hun afwijkend geloof beleefden, werden verbannen of op de brandstapel gezet. De meeste christenen zijn inmiddels wijzer geworden. Je zou kunnen zeggen dat het wachten nu is op een flink aantal aanhangers van de profeet die gaan protesteren tegen de verdraaiingen van sommige geestelijke leiders en tegen de gewelddadigheden van een aantal van hun gehersenspoelde medegelovigen. Het heeft allemaal helaas veel tijd nodig. Langzaam dringt het besef in het gelovige deel der mensheid door dat we niet met het gezicht naar het verleden moeten staan, getrouwd of niet, met baard, keppeltje of hoedje bij de zondagskerkgang, maar dat het gaat om de toekomst. De o.a. door de smeltende poolkap steeds warmer wordende aarde wordt niet gered door de onderlinge geloofsverschillen breed uit te meten en door te twisten over de vele vrouwen van de profeet of over de al dan niet ene vrouw van Jezus. Dit besef begint steeds meer terrein te winnen. Nu nog de zo vaak hier en elders achter de grote optocht  aanlopende geestelijken en hun aanhangers. Die moesten we intussen met onze snippers inzicht maar veel koelte toewuiven…

Met muziek van Desplat en Lane/Vitarelli. Verder hoorde u muziek van Rachmaninov en het lied ‘Wij komen samen tot Gods lof’ (Bouma / van Dijk). Gelezen werd uit Prediker 7: 9-10. Gebeden werd uit ‘Bij gelegenheid (II)’ van Sytze de Vries.



 

Terug naar overzicht…