Angst (2)

Door Ds. Aart Mak

De vorige keer sprak ik over de alom sluimerende angst voor de dag van morgen. Berichten in de afgelopen week over een aantal fondsen dat over een half jaar de pensioenen moet verlagen, sluiten daar haast naadloos bij aan. Daar komen dan de bezuinigingen van het nieuwe kabinet bij waarvan we over een week of wat pas zullen horen waar en hoe die ons allen gaan treffen. In Irak beginnen de Amerikaanse troepen zich terug te trekken en duidelijk is, over angst gesproken, dat de terreur van de zelfmoordcommando’s daar hand over hand toeneemt. In het door het alles verzwelgende water van de Indus straatarm geworden Pakistan zijn er groeperingen die de noodhulp van westerse landen beschouwen als inmenging in hun binnenlandse zaken en dat land het liefst terug zouden voeren tot een zogenaamd paradijs waar de levensstijl van de Taliban bepalend is. Er is veel meer te noemen. Maar dat is altijd zo, wanneer de angst eenmaal je huis en je hart is binnengeslopen. Voor je het weet wordt een vredig lijkende rust een dreigende stilte voor een onbekende storm. De angst gaat als een donkere bril op je neus zitten waardoor je alles om je heen, veraf en dichtbij, gekleurd ziet.

De vorige keer eindigde ik met de eerste christenen en hoe die hun angsten overwonnen, terwijl ze toch onder heel wat Romeinse keizers hun leven helemaal niet zeker waren. Dat was iets te gemakkelijk gezegd. De legendarische verhalen over de martelaren van de vroege kerk verraden tussen de regels door ook grote angst. Alleen fanatici die hun twijfels en daarmee hun menselijkheid diep hebben weggestopt, kunnen zich zonder angst te tonen, aan het mes laten rijgen of in het vuur laten verbranden. In de bijbel wordt daar soms over gesproken. Ook in die tijd waren de meeste mensen ‘liever laf en levend, dan een held tot elke prijs’ (Rob Chrispijn). Maar gelovigen van toen wisten wel dat ze grote kans liepen hetzelfde lot te ondergaan als hun Heer die zelf de martelende kruisdood had ondergaan. Wie gelooft in het goede, loopt kans te lijden, zoals in de eerste brief van Petrus staat. Alleen staat daar ook een essentiële volgende zin: het is beter te lijden omdat men goed doet dan omdat men kwaad doet. Ook daar hebben veel christenen nadien die ketters op de brandstapel zetten en joden achtervolgden in jaarlijkse pogroms, zich niet aan gehouden. Maar in het moderne christendom hebben bronteksten als deze uiteindelijk de doorslag gegeven. Geloof en geweld hebben niets met elkaar te maken.

Nu heeft het christendom ook nog een andere grote les moeten leren. En dat is dat Jezus niet teruggekeerd is nadat hij was weggegaan. Alle apostelen, inclusief de veel schrijvende Paulus, geloofden in een spoedige wederkomst en daarmee het aanbreken van een nieuwe tijd. Dat is in heel het Nieuwe Testament te lezen. Maar die verwachting kwam dus niet uit. De eindtijd van toen was, achteraf gezien, het begin van vele eeuwen menselijke ontwikkeling, tot op de dag van vandaag. En Jezus kwam maar niet. Zodra er dan ergens een epidemie de kop opsteekt of een andere menseneter zoals een oorlog over de wereld raast, komt de gedachte aan de eindtijd weer op. Maar dat beschouwen de meeste christenen tegenwoordig als sektarisch. Wij vinden die mensen mafketels die aan de hand van bijbelteksten aantonen wanneer de aarde vergaat en veronderstellen dat een kleine gelovige delegatie van de mensheid wordt opgenomen in hemelse heerlijkheid. En nu denk ik dat dit voor ons moderne gevoel dwaze denken veel belangrijker is dan vaak wordt opgemerkt. Op het moment dat gelovigen - of dat nu christenen, moslims of sikhs zijn, menen dat ze in Gods agenda kunnen kijken, gaat het fout. Want de volgende stap is dat zij zelf het heft in handen nemen. Dat zijn die gelovigen die weten hoe het zit en gehoorzamen aan wat hun ingebeelde God van hen vraagt. Vervolgens beginnen ze dan met hun zuiveringsacties.

Ik denk zelf dat het bewustworden hiervan één van de grote opdrachten voor de godsdiensten in de 21e eeuw is. Nu de geschiedenis der mensheid voortschrijdt en het leven op aarde meer dan ooit op het spel staat, moeten vertegenwoordigers van godsdiensten eens echt bij elkaar gaan zitten. Dat is nog wat anders dan de wereldzendingsconferentie die honderd jaar geleden in Edinburgh plaatsvond. Dat was toen nog teveel vanuit het ideaal - zoals het zou moeten zijn, de wereld winnen voor Christus, dat soort termen. Nu moet er iets anders gebeuren. De verschillende godsdiensten hebben elkaar nodig omwille van het voorbestaan der mensheid. Het moet dan gaan over de heilige schriften en de tijdgebondenheid van veel heilige teksten. Het moet gaan over de waarheid van wetenschap en hoe die zich verhoudt met de waarheid van allerlei geloof. En het moet gaan over mensen, vrouwen en mannen, en waarom zij wel of niet zelf zouden mogen kiezen hoe ze willen leven.

Mét dat ik dit opmerk, voel ik hoe godsonmogelijk zo’n bijeenkomst lijkt. Er is op dit moment teveel hardheid, dwaasheid en eigengereidheid onder veel godsdienstige leiders. Maar hier zit voor mij wel de kern van de angst. Vroeger dacht ik, net als veel anderen, dat de wereld veiliger zou worden als we met alle middelen die we hebben de armoede zouden bestrijden en als mensen in alle landen van de wereld zeggenschap zouden krijgen over hun eigen regering. Dat vind ik nog steeds overigens. Maar ik had, net als veel anderen, niet gedacht dat het geloof zo’n lont in het kruitvat kon zijn. Armoede en verongelijktheid, gecombineerd met het stellige geloof in een hogere macht, leiden vrijwel altijd tot geweld. Natuurlijk denk ik dan aan de moslimextremisten wier blik op de realiteit vertroebeld is. Maar ook denk ik aan heel wat rechtse christenen in Amerika die de dagelijkse onzin van de zender Fox News voor zoete koek slikken en werkelijk menen dat hun president Obama een moslim is.

Geloof is iets prachtigs, want het kan je overtuigen van een diepere waarheid over jezelf. En echt geloof kan ook helpen om met grote discipline je te oefenen in het gevecht met je eigen egoïsme. Je wordt er wijs en zachtmoedig van. Al het andere dat zich voor geloof uitgeeft, ook binnen het christendom, dus geloof dat suggereert alles beter te weten en de wereld indeelt in good and bad guys, wordt gevoed door een diepe angst. Dat is het type geloof dat niet de duisternis maar het licht vreest. Volgende keer nog een keer verder over die angst die ons ook in het christendom zo bekend voorkomt...

Met muziek van Grieg aan het begin (Holberg Suite) en Rachmaninoff aan het eind (einde 1e deel van zijn 2e pianoconcert). Verder hoorde u kamermuziek van Jacques Ibert en gezang 442 (Jezus, ga ons voor). Gelezen werd uit 1 petrus 3: 13-17. Het gebed kwam uit de bundel ‘Bij gelegenheid (II)’ van Sytze de Vries.

 


 

Terug naar overzicht…