Heimwee

Door Ds. Aart Mak

vanwege ziekte is dit een herhaling van Een Goed Begin van vorig jaar augustus

Na de vakantie is er altijd enig heimwee. Dat heimwee gaat uit naar de dagen zonder agenda, naar de lange avonden en naar de tijd die niet driftig verder tikte maar stroomde als een rustige rivier. Maar alles went en het werken voelt ook weer vertrouwd. Opnieuw voeg ik mij in het ritme van de werkweek, doe ik wat bij gewone dagen hoort en hernieuw ik de contacten met de thuisblijvers of mensen die ook terugkeren van weggeweest. In de kerk is men intussen wel doorgegaan met de samenkomsten. In Bloemendaal werd er zelfs nog lang driftig vergaderd. De radio zelf doet alsof het niet uitmaakt, of het nu vakantietijd is of winterseizoen. De regens van de maand juli hadden overigens een positief effect op het bereik en de kwaliteit van de radio-uitzendingen. Dat heb je met een middengolfzender. Ik kijk weer vooruit naar de zondag die komen gaat, kerkdiensten, vaak twee en ook dit programma. Zo voeg ik me weer in het leven dat zich afspeelt van zondag tot zondag. Zo gaat dat. Zondag is voor mij een werkdag, maar wel de meest plezierige. En zo vormt het heimwee zich ongemerkt om tot een wekelijks verlangen. Het is het verlangen naar een dag die veel stilte bevat, verlangen naar een of meer uren met inkeer en vergezichten, naar vrije uren die je naar believen kunt doorbrengen.

Beter op de drempel van Gods huis dan wonen in tenten, staat ergens in psalm 84. Het is het zelfde verlangen als ik zo-even verwoordde. Het is het oude verlangen naar een plek die bestand is tegen de stormen van de tijd. Een schuilplaats, zoals in die psalm ook zo mooi staat, waar zelfs de mus een plek vindt en een zwaluw in alle rust haar jongen kan grootbrengen. Laat dat de tempel zijn. Of een kerkgebouw. De moderne kerkverlating is ook geen verlating van het gebouw. Vrijwel elk mens houdt van mooie oude kerken waarin de stilte hangt en de rust van eeuwen soms voelbaar is. Kerkverlating is het haast collectieve afscheid door de nieuwe generaties van een manier van doen. Het is niet het gebouw maar zijn bewoners die op de zenuwen werken. Het blijven hangen in ouderwetse opvattingen, het moralisme zonder zelf schone handen te hebben en ook beelden en woorden hanteren die niet meer passen bij de moderne mens in zijn denken en zoals hij in het leven staat. De vertaalslag van toen naar nu is te groot. De benauwdheid die dreigend op mij viel, om een andere psalm te citeren (psalm 116), is wat veel mensen overvalt die een mis of eredienst binnenlopen. De toon is te gewichtig, de teksten misschien mooi maar onbegrijpelijk. Er helpt geen lievemoederen aan. De traditionele kerkdienst vraagt om horen en gehoorzaamheid, terwijl de moderne mens wil overleggen, meepraten en zelf kiezen.

Dat doet allemaal niets af aan mijn eerbied voor de radio die gewoon doorgaat, een hele zomer lang. Ook wil ik niets afdingen van de liefde en de betrokkenheid die veel mensen die ik ken hebben voor de kerk en haar zondagse en doordeweekse verschijningsvorm. Ik zal het er de komende maanden nog wel vaker met u over hebben. Misschien moeten we het kanaal naast de rivier laten bestaan, de hoogbouw naast de villa, de moestuin naast de voorverpakte maaltijdsalade van Albert Heijn. Ik bedoel te zeggen dat we in een tegenwoordig in een meerstromenland leven, ook religieus. En dat dus niet een en hetzelfde aanbod aan alle openlijke of verborgen vragen kan voldoen.

Nog even over dat terug zijn van weggeweest, dat thuiskomen na de vakantie. Als je ‘op vakantie’ bent geweest, was dat vroeger anders dan wanneer je ‘met vakantie’ was geweest. In het eerste geval ben je ook weg geweest, in het andere geval kun je ook thuis van je vrije tijd hebben genoten. Vakantie (van het Latijnse woord ‘vacare’ (vrij zijn)) is nog steeds een betrekkelijk modern verschijnsel. Ouderen weten nog dat ze als kind hooguit één weekje naar Ommen of naar Lochem gingen. Nu is voor veel mensen uit de rijkere landen vakantie een noodzaak. Mensen in loondienst krijgen zelfs vakantiegeld. Vakantie is ook big business geworden. Veel mensen vinden hun brood in het toerisme. Voor veel landen in de warmere streken op aarde is de vakantie die anderen daar doorbrengen, een belangrijke bron van inkomsten.

De ervaring leert dat oudere mensen nogal eens de zomervakantie als een lange, vervelende periode zien. Zij zijn dan meer dan anders verstoken van bezoek. Ook huisdieren zouden, als ze het konden zeggen, tegen de vakantie van hun bazen zijn. De moderne vakantiebesteding is misschien ook wel overdreven. Het evenwicht is nogal eens zoek. Wij hebben wel meer vrije tijd gekregen, maar tegelijk zijn we drukker en gestrester dan ooit. Ook hier is het de kerk niet gelukt de relativering en de rust te handhaven die vanouds horen bij het christelijk geloof. Juist protestanten zijn vaak bezige bijen en zwetende werkezels. En zo blijven wij heen en weer gaan tussen de wijsheid van de mieren in Spreuken 6 en de zorgeloosheid van de vogels in Matteüs 6. Ga naar de mieren, luiaard, zie hoe ze werken en word wijs. Dat staat in Spreuken. En in Matteüs zegt de man van de Bergrede: Kijk naar de vogels, ze zaaien niet en oogsten niet en toch voedt hun hemelse Vader hen. En zo blijf je als mens altijd dat tegenstrijdige wezen. Het is heerlijk de handen uit de mouwen te steken, te presteren, iets neer te zetten. En tegelijk is er dat voortdurende heimwee naar de tijd die zo langzaam ging, naar ruimten en verten waar je alleen maar stil van wordt en niets hoeft te doen. Nu, elke week een dag om daar in alle rust over te mijmeren en weer te leren glimlachen om alle drift en drukte die tenslotte ook maar betrekkelijk zijn.

Met muziek van Grieg en Rachmaninoff. Verder hoorde u Le chateau des Carpathes van Hersant en psalm 84, op zijn Engels. Gelezen werd uit diezelfde psalm (verzen 6 en 7) en gebeden werd uit Bij gelegenheid (II) van Sytze de Vries.

 


 

Terug naar overzicht…