Terugroepen

Door Ds. Aart Mak

De afgelopen week was er het bericht dat autofabrikant Toyota miljoenen auto’s terug roept. In Nederland gaat het dan over ruim 25.000 auto’s. Als ik het goed begreep waren er problemen met de stuurkolom, de airbagsbedrading en het stoelmechaniek bij de Yaris en de Urban Cruiser. Het zal de meesten van ons nauwelijks interesseren, tenzij je zo’n auto hebt natuurlijk en dan gaat het ook nog over een auto die gebouwd is tussen juli 2007 en november 2009. Maar dat terugroepen intrigeert mij. Ik weet dat het de laatste jaren vaker gebeurt met auto’s. Porsche, Volkswagen, Mazda, de Toyota Prius eerder, Nissan vorig jaar, er is nog wel eens zo’n recall, zoals dat dan in de wereldtaal Engels heet. De auto’s moeten terug naar de garage, gecontroleerd worden op de mogelijke gebreken, gerepareerd op kosten van de fabrikant en kunnen dan weer terug de weg op, met een gerustgestelde eigenaar of leaserijder.

Maar mensen, zouden mensen ook kunnen worden teruggeroepen? Toen de gedachte eenmaal bij mij ging postvatten, zag ik een science fiction- achtig scenario voor me. De mensheid leeft vijftig jaar verder in de toekomst, laten we zeggen in het jaar 2064. De medische wetenschap weet dan inmiddels zoveel van de mens dat er tussen conceptie en geboorte van een nieuwe mensen uitgebreide onderzoeken worden gedaan om te zien of de aanstaande mens geen afwijkingen heeft. In ernstige gevallen, denk aan Spina bifida (open rug) of ook aan te verwachten beperkte verstandelijke vermogens is het gebruikelijk dat de zwangerschap wordt afgebroken. Men kan in die tijd de levensduur van de mens die nog moet worden geboren vrij nauwkeurig voorspellen en zelfs ook al de kwetsbare plekken aanwijzen, kans op hartproblemen rond het veertigste levensjaar bijvoorbeeld. En als men in 2064 ziet dat er in het lichaam iets gebeurt dat men toch niet had zien aankomen, een verhevigde groei van het schedeldak bijvoorbeeld, wordt er een nauwkeurige kopie van de schedel gemaakt met een 3D-printer en het eigen benen schedeldak vervangen door een synthetische kopie. Op die manier zullen heel wat mensen in de toekomst worden teruggeroepen. Ook mensen die zouden moeten uitblinken in sport of wetenschap. De medische wetenschap is in de toekomst  ongetwijfeld in staat andere spieren te implanteren, de longcapaciteit te vergroten en zelfs de coördinatie van ingewikkelde lichamelijke activiteiten door een aantal zenuwknooppunten in de hersenen te verbeteren.

Goed beschouwd, als ik weer terugkeer tot het jaar waarin we leven, is wat ik zeg al aan het gebeuren. Met name het hersenonderzoek zet de laatste jaren grote stappen voorwaarts en steeds vaker lees of hoor je waar in de hersenen de locatie is van bepaalde menselijke vermogens of gedrag. Door vruchtwaterpunctie en bloedonderzoek kunnen we al langer dan vandaag veel te weten komen en voorspellen. Het wordt wel eens vergeten dat dit weten en dit feitelijke meesturen bij het ontstaan van een nieuwe mens, een van grote redenen is dat veel westerse mensen hun geloof zijn kwijt geraakt. Want het overgeleverde geloof van onze voorouders was grotendeels gestoeld op het niet weten. En bij wat je niet weet, moet je leren vertrouwen, oefenen in overgave, kortom de kunst van het omgaan met het onkenbare aanleren. Dat was voor alle generaties voor ons de basis van hun geloof. Maar het onbekende land dat leven heet,  wordt steeds meer door het weten veroverd op het geloven.

Met al dat weten laten we ons allang teruggeroepen. En zo zijn er de hartoperaties, de orgaantransplantaties, de verwijdering van tumoren uit de hersenen,  naast de betrekkelijk eenvoudige ingrepen bij botbreuk en allerlei andere lichamelijke ongemakken. Wij laten onszelf terugroepen. De plastische chirurgie is hiervan een mooi voorbeeld. In de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog werden er zoveel soldaten aan hun hoofd gewond en verminkt, dat een Engelse arts besloot in een speciaal hospitaal alle kennis en kunde van zijn tijd te verzamelen om ogen, oren, neuzen, kaken en de huid sowieso zo goed mogelijk te repareren. Dat was het begin van de plastische chirurgie en tot op vandaag de dag houden deze artsen zich nog steeds grotendeels bezig met verkeersslachtoffers, mensen met brandwonden en zeker ook mensen met een haperende handfunctie. Gezichtsverfraaiing, borstvergroting of –verkleining zijn maar een klein deel van hun werk. Maar hier doemt dat woord weer op: terugroepen. Wat vroeger niet kon of niet gepast werd gevonden, gebeurt nu wel. Dat geldt zeker voor de transgenders. Dat zijn mensen die zich niet thuis voelen in het mannen- of vrouwenlichaam waarmee zij geboren zijn. Juist ook hier is sprake van ingrijpende correcties en zou je echt van een persoonlijke terugroepactie kunnen spreken.

Dat is dus allemaal heel wat anders dan een auto waarvan de voorste wielophanging niet deugt. Wij staan, zeggen sommige deskundigen, aan het begin van een tijdperk waar de speelfilm Robocop op een eigenzinnige manier al op preludeerde: mensen worden teruggeroepen, opgelapt, van kunstdelen voorzien, en kunnen weer verder. En de ethische vraag, ook in die film van Paul Verhoeven gesteld, luidt: wie gaat daarover en wie heeft daar belang bij? Nu al zie je op een vergelijkbaar terrein hoe de steenrijke farmaceutische industrie alles op alles zet om te bepalen hoe wij gezond moeten blijven en lijken alle oude en vaak simpele methoden als de natuurgeneeswijzen en de eeuwenoude acupunctuur van de Chinezen, het onderspit te delven.

Ten slotte nog een keer dat woord terugroepen. In de week dat wij in Nederland voor het eerst ook kunnen retourpinnen, was er het bericht van de moord op de held van Homs, pater Frans van der Lugt. Deze man, die zich door niemand terug liet roepen, niet door zijn familie en niet door zijn orde, en trouw aan zijn Syrische medemensen op zijn post bleef, werd maandag 7 april gedood door gemaskerde mannen met een onbekende opdrachtgever. Een gelovige van de oude stempel zou zeggen dat God hem terugriep. In het moderne geloof zou je moeten beginnen met op te merken dat deze man nog helemaal niet dood had gemoeten,  gezien alles waar hij voor stond en wat hij betekende voor anderen. Maar als het dan zo gaat, in alle brute wreedheid, denk ik wel: laat er een God zijn die zo’n man welkom heet, na alle schrik van de kogels in zijn hoofd en de schemer van de overgang tussen leven en dood. Ik hecht er zelf aan, elke keer weer. Laat er toch een dimensie zijn, een hemel, een oorsprong, waar wij vandaan komen en ooit weer naar toegaan. En ook al wil ik me nog lang niet laten terugroepen, ik denk wel dat ik daar thuis ben omdat ik er vandaan kwam. Een mens gaat een keer retour afzender…

Met muziek van Desplat en Lane/Vitarelli. Verder hoorde u muziek van Andriessen en het lied ‘Daglicht gaat stralen’. Gelezen werd uit Mattheus 23: 37. Het gebed kwam uit de bundel ‘Zeggen en zwijgen, oecumenisch gebedenboek voor alledag’ van Marcel Barnard e.a.

 

 

 

 

Terug naar overzicht…