Wordt alles beter?

Wordt alles beter?

Door Aart Mak

Klamp je een willekeurig iemand op straat aan met de vraag of hij vindt dat het tegenwoordig beter of slechter gaat met de wereld dan vroeger, geheid dat hij zal zeggen: slechter. Maar dit lijkt een misvatting. Wij doen met elkaar aan vreselijk negatieve beeldvorming. Natuurlijk, over het klimaat kun je grote zorgen hebben en ook over het terrorisme. Maar vrijwel iedereen reageert op wat het nieuws hem voorschotelt. En nieuws is haast per definitie bezig met negatieve uitzonderingen op de regel en tegenwoordig ook nog eens met de mening van de gemiddelde mens op straat. Denk aan de talloze peilingen die worden gehouden en alleen maar een weerspiegeling zijn van de voortdurend wisselende stemming door datzelfde nieuws. En dan hebben we in Nederland nog, vergeleken met het meeste buitenland, tamelijk nette en weinig hetzerige nieuwsmedia. Maar soms zet iemand de feiten op een rij, zoals onlangs Johan Norberg, een Zweedse politicoloog. En dan wrijf je je toch even de ogen uit als je leest wat hij schrijft…

In zijn boek Ten reasons to look forward to the future noemt hij nogal wat feiten waarvan vrijwel niemand zich bewust is. De mens wordt gemiddeld bijna 80 jaar oud en dat is dankzij de gezondheidszorg een verdubbeling in een eeuw tijd. In twintig jaar tijd is de armoede in de wereld met de helft afgenomen. De gemiddelde intelligentie van de mens neemt toe. Een IQ-test uit 1950 waarin mensen gemiddeld 100 scoorden levert nu een gemiddelde van 118 op. Hier moet minstens goed onderwijs en betere voeding achter schuil gaan. Ook Norberg ziet natuurlijk dat er in de huidige wereld op allerlei fronten sprake is van conflicten met alle geweld. En toch noteert hij dat een mens vergeleken met vroeger veel meer kans heeft om gezond en rustig oud te worden. En Rozendaal die ik zo zal noemen dat het nu veel minder conflicten zijn dan ooit eerder in de geschiedenis. De vraag is natuurlijk of de Zweed Norberg niet erg eenzijdig is met zijn feiten en of hij ons, net als de onheilsprofeten, niet een rad voor de ogen draait. Ik heb het er nog eens op nageslagen. Vorig jaar deze tijd liet de Elsevier-journalist Simon Rozendaal een boek verschijnen met de titel Alles wordt beter. Daarin somt ook hij veel feiten op. Onder andere deze. Niet alleen met ons, maar ook met de zeehonden gaat het beter: in 1950 waren er slechts vijfhonderd, nu zijn het er tienduizenden. Het aantal microgram zwaveldioxide per kubieke meter lucht werd in 1965 geschat op 200, nu op 1. Ook het aantal poliogevallen is van 500.000 in 1950 teruggelopen naar 20. Nu kun je zeggen dat het met ons in de westerse wereld goed gaat, maar dat het slecht gaat met de rest van de wereld, vooral de Derde Wereld. Fout. In 1960 waren voor iedere persoon in de Derde Wereld 1.900 calorieën beschikbaar. Dat aantal ligt nu op 2.600. Enzovoort, enzovoort.

Wie heeft er nu gelijk, de optimist of toch de pessimist? Ik vermoed dat ook hier de waarheid in het midden ligt, of beter gezegd: dat alles altijd twee kanten heeft. De enorme technologische vooruitgang zorgt dat mensen meer contact hebben en elkaar beter begrijpen, Maar tegelijk heeft een criminele organisatie als IS met haar propaganda van diezelfde technologie geprofiteerd. Ander voorbeeld. De democratie leek een tijdlang een wenkend perspectief voor de hele wereld. Maar sinds de Arabische lente in het Midden-Oosten en de opkomst van het populisme in Europa en Amerika, weten we ook dat diezelfde democratie kan omslaan in het recht van de sterkste, namelijk de meerderheid, in plaats van de bescherming van de zwakste, namelijk een minderheid. En dan is er nog iets. De huidige onrust onder mensen en het gevoel dat onze kinderen het niet beter maar slechter zullen krijgen dan wij, komt ook door het waanidee van de moderne mens dat je het leven kunt zekeren. Terwijl voor alle generaties voor ons het leven gelijk stond aan onzekerheid. En daar konden ze prima mee omgaan. En nu denken we, gemiddeld gesproken, dat we recht op zekerheid en veiligheid hebben en valt ons wereldbeeld in duigen als dat eens niet het geval is. Elk vliegtuigongeluk is dan omineus en vergeten wordt dat duizenden vliegtuigen per dag normaal opstijgen en veilig weer landen.

Er is dus geen reden tot wanhoop, zeg ik op mijn manier de heren Norberg en Rozendaal na. En laten we de humor ook niet vergeten. Radio Veronica maakte deze week bekend welk bedrijf dit jaar de prijs van de slechtste slogan had gewonnen. Dat was het autoreparatiebedrijf van de familie Joustra. Hun reclame luidt: ‘Een deuk van heb ik Joustra.’ En loodgietersbedrijf Ad van den Elshout kreeg ook een prijs voor zijn slogan: ‘Lekt er wat, bel dan Ad.’ Mijn collega op deze radiozender met dezelfde voornaam kan er nog zijn voordeel mee doen. En nu we toch in de sfeer van deze zender komen. Wist u dat een timmerbedrijf vorig jaar de prijs van de slechtste slogan won? Eerlijk gezegd vond ik die nog niet eens zo slecht. Het ging om het bedrijf Jozefs Timmerwerken en de leuze was: ‘Al meer dan tweeduizend jaar een begrip.’ Ik wens u  zorgeloze dagen.                                  

Terug naar overzicht…