Kanker

Door Aart Mak

Het is Pasen geweest en ik ben sinds zondag 27 maart alweer een handvol keren in aanraking gekomen met iemand die dood was of met iemand die dood zal gaan, hoe stralend ze er ook bij zit of met iemand voor wie we nu allemaal hopen en bidden dat hij niet dood zal gaan maar nog heel lang zal leven. En nog twee anderen van wie de prognose gewoon heel slecht is. Het gaat me niet om mij. Het gaat mij om de gevoelens die ik opvang, de gevoelens die ik zelf heb en vooral om hoe je in dit alles overeind blijft en wat je nu aan moet met dat feest van Pasen. Ik vind het ’t mooiste feest van het hele jaar. Ik ervaar alle zondagen tot aan donderdag Hemelvaart als Paaszondagen. Maar wat helpt het? Wat geeft het? Hoezo ‘Christus opgestaan’ als mensen in mijn nabijheid – gezwegen nog van al die mensen ver weg – voortijdig sneuvelen, hun tachtigste bij lange na niet halen, hun kinderen niet verder zien opgroeien, hun geliefde en alles wat ze samen opbouwden zullen moeten laten gaan? Ik weet hoe fijn het is als je weet dat mensen aan elkaar denken. Ik steek een kaars voor je aan. Ik denk aan je. Je wordt door anderen gedragen, met al hun liefde. Ik zie wat het mensen doet. Ik heb geleerd dat echte aandacht een wereld van verschil maakt. Maar waar blijf ik met mijn geloof? Helpt het als ik hardop of in stilte bid? Doet het er iets toe dat God bestaat of dat Jezus is opgestaan uit de dood?

De vragen die ik stel zijn eeuwenoude vragen. Dat weet ik. Iedereen kent ze. Maar wat ik nu en in feite al jaren tegenkom en meemaak, is hoe de generaties hierin uiteengaan. Kinderen respecteren het geloof van hun ouders maar geloven zelf niet dat er een hogere macht bestaat. We leven hier en het is hier pech of geluk hebben en misschien dat er een nieuw medicijn is, of een bijzondere kuur of dat de wetenschap doorgaat met stappen zetten in de strijd tegen kanker, want om die ziekte gaat het haast altijd. Maar wat geloof of bidden of God daarmee te maken heeft, is voor minstens evenveel mensen als het percentage van ruim 60% dat afgelopen woensdag nee heeft ingevuld bij het referendum, abracadabra. Ik bedoel dit niet cynisch, niet boos, niet verwijtend, ik zie het, maak het mee, het raakt mij en sterker nog: ik begrijp het, want ik ben voor minstens twee-derde helft ook zo’n mens die niet gelooft in een hogere macht, dat als God bestaat hij geen lievelingetjes heeft en dat ik niet zou weten waarom hier iemand als door een wonder wordt genezen terwijl die vrouw in Syrië haar beide kinderen kwijt raakt door een hels en alles verwoestend bombardement.

Dat mensen elkaar kunnen troosten, weet ik. Het verbaast mij altijd weer hoe veel mensen voor elkaar kunnen betekenen, juist of misschien wel vooral als het lichaam ziek is, de geest verward, als volmaaktheid niet blijkt te bestaan, kortom als wij de mens worden die we altijd al waren: breekbaar, kwetsbaar, beperkt maar o zo fijngevoelig, een vat vol liefde, zachtaardig, de naaste liefhebbend als was hij jou. Bidden kan dan een uiting zijn van botsende gevoelens, gevoelens van heimwee en van verzet, van worsteling om overgave en nooit de hoop opgevend. Maar is bidden meer dan een diep menselijk en intermenselijk gebaar? Raakt er iemand door bewogen, daar ergens in de hoge hemel? Wordt er vervolgens een vondst gedaan die levensreddend is? Wordt de hand van de chirurg dan trefzeker bestuurd zodat het lukt alle kankercellen te verwijderen? Weten de engelen die er zwijgend omheen staan dan ineens van wanten met hun influisteringen? Of zijn wij hier met elkaar zo verschrikkelijk vrij, met op deze aarde zowel de hemel als de hel binnen handbereik, zo verschrikkelijk vrij dat wij zelf alles over ons heen halen wat we kunnen bedenken aan verrukking en verbijstering? We hebben talloze keuzemogelijkheden en de rest is willekeur, toeval, het valt je toe of het valt je bitter tegen. We zitten niet meer in de speeltuin van het paradijs. Mijn God, waarom hebt U mij verlaten?

Of is bidden oefenen in vertrouwen? Is het ruimte maken voor de mogelijkheid van een wonder? Ik ken heel wat gedichten die hier over gaan. Wij moeten ons niet plat laten slaan. Wij weten zoveel niet. Wie weet wordt er gewonnen in plaats van verloren. Volgens sommigen is God de optelsom van alle mogelijkheden. Misschien is dat zo, vanuit ons gezien dan. Maar ik zou zo graag zonder enige twijfel willen zeggen dat er een macht of een kracht of een energie bestaat die je naar je toe kunt buigen zodat die in alle voortwoekerende kwaad gaat meewerken ten goede. Is dat een illusie of zie ik het gewoon niet? Misschien is geloof wel dat je als mens nooit het laatste woord wilt hebben en de mogelijkheid open houdt dat wij met ons geringe verstand geen idee hebben door wat voor een reusachtig universum met wat voor een onmetelijke liefde wij omgeven zijn. Ga ik toch weer vandaag Pasen proberen te vieren…

Terug naar overzicht…