Stem

Door Ds. Aart Mak

En dan lijkt het ineens zomer te zijn. Blauwe luchten, licht `s morgens vroeg en ‘s avonds laat. En vooral warmte, warmte waarin de hond zich koestert en de kat zich uitrekt. Warmte waarbij mensen zoals u en ik zich de ogen uitwrijven. Zo mooi is de wereld dus. Je was het haast vergeten door alle kou en regen. En net als de huisdieren ontvang je het zonlicht met open, blote armen.

Stel je voor, je ligt op het strand. Op je buik, met de ogen dicht. In de verte hoorde je het zich alsmaar herhalende geluid van de zee. Ergens boven je fladderen de meeuwen met hun kreten. En je hoort stemmen. De stem van een bekende. Stemmen van mensen die verder weg met elkaar spreken. Maar het is gedempt. Alles is opgenomen in een grote koepel waarin jij in het midden ligt en waarbuiten zich van alles afspeelt, maar het dringt niet echt tot je door. Zo gaat dat op een mooie zomerdag op het strand. Zo kan dat gaan met de stemmen van mensen om je heen. Je hoort ze wel maar wat er gezegd wordt brengt geen innerlijke trilling bij je teweeg. Praten wordt tot murmelen. Luisteren wordt tot een waarneming van wat geluiden.

Ook in een stad in de zomer klinken stemmen anders. Zo schel als ze die stemmen je in de winter in de holle straten tegemoet schallen, zo gefilterd en fluisterend waaien de stemmen over een in zomerse tooi gehuld plein. Het lijkt wel alsof de zon en de groen opgedofte bomen alles lichter, verdraaglijker en makkelijker maken. In zuidelijke landen zitten mensen  beter in hun vel. Want vandaag niet gaat doen ze morgen. De zon maakt van gestreste mensen aimabele wezens die het leven wat minder strikt nemen en zichzelf aanzienlijk minder gewicht toekennen. En daarom klinken stemmen in dit jaargetijde anders dan in de winter.

Ik vraag u: waarom zou een oecumenisch diaconaal centrum in een middelgrote stad van Nederland zich dan Stem in de Stad noemen? Het woord ‘Stem’ in die samenstelling heeft mij altijd gefascineerd. Het had ook huis of herberg of centrum of vluchtheuvel of oase kunnen heten. Want het gaat bij dat diaconale centrum om opvang en begeleiding van asielzoekers, vluchtelingen, daklozen en allerlei andere mensen die het alleen niet redden in deze maatschappij. Waarom dan Stem in de Stad? Ik kan het Jurjen niet meer vragen. Jurjen Beumer, de oprichter en animator van dit drukbezochte en goed geleide opvanghuis in Haarlem, is de afgelopen week gestorven. Hij zal morgen, maandag, begraven worden. Hij was net klaar met zijn betaalde baan, 65 jaar oud, vol plannen als altijd en toen moest hij buigen voor de vloed aan kankercellen die zijn lichaam in bezit nam. Maar hij had het altijd over Stem en hij bedoelde die plaats waar elke dag tientallen mensen kwamen om voedsel, om aandacht en om begeleiding en waar ook tientallen mensen, betaald en vooral vrijwillig, op allerlei manieren aan het werk zijn om die mensen en die plek hoogwaardig te maken en te houden. Hoogwaardig in liefde betoon, bedoel ik dus. Waarom moest dat stem heten?

Ik probeer zelf maar antwoord te geven. Omdat zo’n manier van aandacht geven aan zwakke en gedesoriënteerde mensen een uitspraak is. Een statement zeggen veel mensen tegenwoordig. Dat doen veronderstelt een gedrevenheid. En dat doen veroorzaakt een rimpeling in de vijver van het leven van de stad. En beide hebben met een stem te maken. Mensen die daar werken - en ik verzeker u dat het er velen zijn, laten zich  roepen door een stem, direct en uit een ver verleden. Dit hoor je te doen voor je medemens. Dit kun je tenminste doen. Waarom? Omdat er een stem is die jou dat vraagt. En wat dit werk teweeg brengt, is ook als een proclamatie, hoe bescheiden ook, van wat liefde vermag en wat het evangelie van de mens van liefde teweeg kan brengen. Zo zou mijn antwoord zijn.

In deze wereld waar zo veel goeds gebeurt maar ook de huiver groot is voor wat mensen elkaar en zichzelf aan doen, waar mensen vrij zijn om te geloven wat zij willen of juist niet te geloven in allerlei niet te controleren hogere machten of ideeën, ontbreekt naar mijn idee steeds indringender een geluid dat richting geeft. Een stem. Niet een stem die dreunt van gezag, doet vrezen en laat beven, niet een stem die oproept tot terugkeer naar het zogenaamde paradijs van vroeger, of dat nu de tijd van de holenmens was of de verzuilde samenleving van de 20e eeuw, nee, een stem die wordt herkend als waarachtig, eerlijk, mededogend en geladen met een aanbod van vrede. Die stem is ook niet een terugkeer naar de vroegere godsdienst, met alle onbegrepen beelden en dogma`s, het is de stem die je juist tevoorschijn roept, je dwingt tot zelfstandig nadenken, zelf voelen, je volwassen maakt, je troost als het even teveel wordt, zo`n stem.

En zo is dit Goede Begin ook een stem. Een stem zoals de radio vooral een stem is. Niet om te bluffen en anderen te overtreffen, maar een stem om het binnenste naar buiten te halen, om het diepste geloof tot klinken te laten komen, om te delen en zo te helen. Zo’n stem. Zo wilde ik in dit Goede Begin dat anders is dan andere keren, iets met mijn stem zeggen over Stem in de Stad en vooral over mijn verdriet om Jurjen Beumer die veel mensen nu moeten missen. En ik wilde iets zeggen over wat hem bezielde en mij en vele anderen evengoed. Dat is dat het mogelijk is en blijft om het woord God – een stem - te laten klinken in een moderne samenleving als de onze. Dat kan alleen als er mensen zijn die zo moedig zijn om hun innerlijke stem te volgen en zich te openen voor wat hun medemensen nu echt vragen. Dat vergt, nogmaals, moed. Want als de oude vormen niet meer werken, moeten we iets nieuws verzinnen. Ergens, voor iemand, moet die stem kunnen klinken en tot daadkracht leiden. De volgende vier keren kunt u elke zondag luisteren naar Een Goed Begin. Ik heb weliswaar dan vakantie maar ik heb tevoren huiswerk gemaakt. Ik hoop dat al die zondagen als Een Goed Begin van de zondag en van de week mogen zijn voor u. En ik hoop dat als we morgen Jurjen Beumer aan zijn Schepper toevertrouwen, God de mensen daar en u die luistert geestkracht, veerkracht en draagkracht zal sturen. Wie goed luistert, hoort altijd, in de stad of waar dan ook, een stem die van vrede spreekt. En anders begin je er zelf mee…

Met muziek van Desplat en Lane/Vitarelli. Verder hoorde u muziek uit de film ‘The piano’ en het lied ‘Gij die de stom geslagen mond verstaat’. Gelezen werd uit Openbaring 14:13 Het gebed kwam uit de bundel ‘Zeggen en zwijgen, oecumenisch gebedenboek voor alledag’ van Marcel Barnard e.a..

 

Terug naar overzicht…